zondag 13 april 2014

Zondag
13
April

Duizend jaar poëzie

De poëzie van duizend jaar, een hoop.
Het lezen kan wel menig jaartje duren.
En lang niet alles is er meer te koop.
Maar soms kun je het lenen bij de buren.

Het lezen kan wel menig jaartje duren,
Want lang niet alles is er meer te koop:
De Beatrijs, beslist geen sinecure,
Hierbij biedt zelfs de Slegte weinig hoop.

Nee, lang niet alles is er meer te koop!
Valerius of Poot, dat soort figuren.
Voor Vondel is nog steeds een biotoop
En P.C.Hooft ligt binnen Komrij’s muren.

Dan Bilderdijk, dat was me toch een zure,
Een dominee, een ware misantroop.
En Tollens laat zich nauw’lijks nog verduren:
De poëzie van duizend jaar, een hoop!

De Bruid van Prins staat op een kussensloop,
Maar Gorters Mei heeft thans niet meer allure.
De poëzie van duizend jaar, een hoop.
Het lezen kan wel menig jaartje duren!

Er zit niets anders op: een beetje sturen.
De poëzie van duizend jaar, een hoop.
Het lezen kan wel menig jaartje duren!
En lang niet alles is er meer te koop.


Frans Woortmeijer

vrijdag 11 april 2014

Donderdag

10
april

Op weg naar de Bemuurde Weerd

(Een herinnering)


Zo hebben wij het vroeger toch geleerd:
Bij Zuilen stroomt de Vecht pas Utrecht binnen
En prikkelt daar onmiddellijk je zinnen:
De botenhoeren worden hier vereerd.

De weg wordt in een sluipcircuit gekeerd.
Hier rijden mensen die graag willen minnen,
Die stiekem gauw nog even zijn gaan pinnen.
Het nette volk wordt hier bepaald geweerd.

Zo anders is het hier dan op de Wallen,
Op Katendrecht of n’importe welke buurt.
Toch vind ik deze opzet wel bevallen.

Hier wordt in stilte heel wat afgegluurd.
Hier pronken nog de trotse pronte ballen…
…Gauw verder naar de Weerd, die werd bemuurd!

Frans Woortmeijer

zondag 6 april 2014

Zondag
6
april

Vrede

De aarde is zo juist heilig verklaard  
Zij heeft al haar oude wonden vergeten,
haar onvolkomenheden, en haar veten,
en t andere waarmee zij was bezwaard.


De stormen die haar arme creaturen
somtijds sidderend moeten doorstaan,  

de blakringen die zij moeten verduren,

t lijkt alles uit een duister voorbestaan.

Het gelijkt een sage van langgeleden
tijden vol verschrikking, vol wild gerucht;

toen nog gene hemelse zwanen gleden
door de tedere kom der blauwe lucht.

Werd eindlijk vervuld een aloude bede?
Droeg de Boom-van-t-Verlangen eindlijk vrucht?




Henriette Roland Holst-van der Schalk (1869-1952)
uit: Verworvenheden (1927)

Met dank aan Krupke voor een nieuw, mij onbekend gedicht van HRH

donderdag 3 april 2014

Donderdag
3
april

Pinnen

Het apparaat meldt ongevraagd
Dat de transactie is geslaagd
Dus ik vertrek met blij gemoed
Want pinnen kan ik dus heel goed

Maar dikke vingers, kleine toetsjes
Die bakken mij geregeld poetsjes
Bas Boekelo

Het apparaat meldt ongevraagd
Dat mijn transactie is vertraagd
Het saldo is te laag, o je!
Niet naar de kroeg. O wee, o wee!

Het saldo laag, dus geen vertier
Ik lees een vers; in plaats van bier!
Frans Woortmeijer

Het apparaat meldt ongevraagd
hoeveel mijn banktegoed bedraagt
en met die kennis weet ik dan
hoeveel ik nu nog pinnen kan.

Mijn saldo bleef gelijk, godlof.
(Ik leef al jaren op de pof.)
Neils Blomberg

Het apparaat (dat mij niet mag)
Raakt als ik pin geheel van slag.
Het steunt en kreunt, het hikt en proest.
Het snikt. Tenslotte brult het woest.

Soms denk ik dat er dít aan schort:
Ik sta een paar miljoen tekort.
Katja Bruning

De automaat wordt plaats-delict
Als weer mijn pas is ingeslikt
En als ie dat nog een keer flikt
Dan raakt hij arbeidsongeschikt

Maar blijkbaar is mijn daad verklikt
De dader snikt; de rechter wikt

Ben Hoogland

zondag 30 maart 2014

Donderdag

27
maart


Don't think twice

It ain’t no use to sit and wonder why, babe
It don’t matter, anyhow
An’ it ain’t no use to sit and wonder why, babe
If you don’t know by now
When your rooster crows at the break of dawn
Look out your window and I’ll be gone
You’re the reason I’m trav’lin’ on
Don’t think twice, it’s all right

It ain’t no use in turnin’ on your light, babe
That light I never knowed
An’ it ain’t no use in turnin’ on your light, babe
I’m on the dark side of the road
Still I wish there was somethin’ you would do or say
To try and make me change my mind and stay
We never did too much talkin’ anyway
So don’t think twice, it’s all right

It ain’t no use in callin’ out my name, gal
Like you never did before
It ain’t no use in callin’ out my name, gal
I can’t hear you anymore
I’m a-thinkin’ and a-wond’rin’ all the way down the road
I once loved a woman, a child I’m told
I give her my heart but she wanted my soul
But don’t think twice, it’s all right

I’m walkin’ down that long, lonesome road, babe
Where I’m bound, I can’t tell
But goodbye’s too good a word, gal
So I’ll just say fare thee well
I ain’t sayin’ you treated me unkind
You could have done better but I don’t mind
You just kinda wasted my precious time
But don’t think twice, it’s all right


Bob Dylan
Zondag

30

maart



Het gebed uit de keuken

Heer, ik bid u uit mijn keuken,
Daar ik geen heilige kan zijn
Achter stille kloostermuren
Of in Afrika’s woestijn,
Of in lange meditaties
Als een vurige novies.
Maak me Heilig door het koken
En door ’t wassen van het servies.
Ik heb Martha’s handen nodig
Maar Maria’s hart nog meer
En bij het poetsen van de schoenen
Zie ik Uw sandalen weer.
‘k Zie ze gaan in Martha’s woning
Als ik hier de vloeren boen.
Wees tevreden met mijn werken
Want lang bidden kan ik niet doen.
Warm de keuken met Uw liefde
En verlicht ze met Uw vree
En vergeef mij al mijn tobben,
Maak mij rustig en tevree.
Gij die graag de mensen spijsde
In de vlakte en aan zee:
Neem dit werk van mijne handen
Dat ik u ter liefde dee
Amen


Anoniem,
Waarschijnlijk jaren 1920

zondag 23 maart 2014

Zondag
23
maart


Doodshoofd

Arme mens, wat zijt gij trots?
Ziet gij 't zwaard niet opgeheven
Van den strengen Engel Gods,
Dreigende u den slag te geven?
Schat noch rijkdom kan u niet
Van een snelle Dood bevrijden,
Die gij voor uw ogen ziet
In dees droeve en vege tijden.
Nu u God nog leven gunt,
Beter u, terwijl gij kunt.




Joost van den Vondel (1587-1679)