zaterdag 4 augustus 2012


Zaterdag
4
Augustus

Moerbeiboom

Al bijna bovengrond en zonder aarde
De wortels opgewerkt van tachtig jaren
Onschoon geschoord tussen de appelaren

Hier en hiertegen toen wij knapen waren
De ladder neergelegd, de merels nader
In bessenmoes de bek, vol zuiver water

De hemel overal, de groene gaarde
Van bovenaf gezien een open krater
Voor blauwe bijen en libellenparen.

Het paradijs. En geen verbazing later
Wanneer de boom met ingehouden adem
Zich opsluit in de zaal van zijn geblaarte.

Antoon van Wildenrode (1918-1998)

vrijdag 3 augustus 2012


Vrijdag
3
Augustus


Juninacht

Vreemd aan de ander in war doorelkander
Danst om de rozen die raadselen zijn.
Wars is de wijn op de bodem der kelken,
Groene festoenen zij moeten verwelken:
Danst door de doolhof van lachen en pijn.

Naderen, kruiselings wisselen, keren;
Tegen verlangen kan géén zich verweren:
Vraagt het de rozen die raadselen zijn.

Dansen is dolen, is derven en zwerven,
Aarzelend verkiezen en rakelings verliezen,
Handen in handen staan bij het refrein;
Zingen en springen, de tranen verdringen:
Danst om de rozen die raadselen zijn.

Ida Gerhardt

maandag 23 juli 2012


Donderdag
2
Augustus

De bomen, dat zijn geen bomen
Zonder de bladen.
De vromen, dat zijn geen vromen
Zonder de daden.

Men zegt als rijken drinken:
Dat gaat er vrolijk toe!
Als armen drinken scheldt men ‘t
Voor dronkemansgedoe.


Hendrik de Vries
1896-1989

Woensdag
1
Augustus


Groen is de gong
Groen is de watergong
Waterwee, watergong
Groen is de gong van de zee

Hang die mijn ziel doordrong
wAterdroom, watersprong
Loeiende gong neem mij mee

Jan Engelman (1900-1972)

Dinsdag
31
Juli

Omnis mundi creatura



Ieder schepsel, ieder wezen
Is als prentenboek te lezen
En houdt ons een spiegel voor:
Ons bestaan en ons verscheiden,
Onze vreugde en ons lijden
Geeft het ons in tekens door.


Alanus de Insulis
Vertaling: Willem Wilmink
Uit: Lyrische Lente, liederen en gedichten uit het middeleeuwse Europa


Maandag
30
Juli

Olympisch voetbaltoernooi 1928

Als een bende wilde dieren,
Losgekomen uit hun kooi,
Was op dezen Zondagmiddag
Het Olympische Tournooi.
Als een bende Indianen
Schreeuwend en sensatieziek
Was op dezen Zondagmiddag
Het Olympische publiek.
't Was een gillen en een brullen
Van de allerlaagste soort,
Zooals nimmer van te voren
In ons Nederland werd gehoord.
A moest van het veld gedragen,
B lag kermend op het gras
't Gaf precies den indruk of men
Weer in neeg'tienveertien was.
Als het voetbalsport mag heeten,
Deze schande van vandaag?
Velen, die het zagen, zeggen
Duid'lijk 'Neen' op deze vraag.
Deze uiting van beschaving
Doet geen den Mensch geen goed maar kwaad.
't Resultaat is geen verbroed'ring
Maar vernieuwde volkenhaat!

Clinge Doorenbos

Zondag
29
Juli

In Flanders fields 
In Flanders fields the poppies blow
Between the crosses, row on row
That mark our place; and in the sky
The larks, still bravely singing, fly
Scarce heard amid the guns below.

We are the dead. Short days ago
We lived, felt dawn, saw sunset glow
Loved, and were loved, and now we lie
In Flanders fields.

Take up our quarrel with the foe:
To you from failing hands we throw
The torch; be yours to hold it high.
If ye break faith with us who die
We shall not sleep, though poppies grow
In Flanders fields.

lieutenant-kolonel John McCrae, 1872-1918