dinsdag 2 november 2021

 

dinsdag

2

november

 

November

 

Ik stop u voor de maand November in

Het allerguurste gat van alle gaten,

Waar tegen de armoe niemandal kan baten

En waar ge dus ook niets hebt aan gewin.

 

In lekker eten heeft hier niemand zin,

Varkensvoer is het wat ze u vreten laten;

En over kaarslicht valt zelfs niet te praten,

In zijn ellende roert geen mens een vin.

 

Nooit ziet men er een vlammend houtvuur laaien,

Iedereen stookt slechts mest en vuiligheid,

Hoe hard de noordenwind ook moge waaien;

 

Ontbreken doen er wijn en vlees altijd:

De stomste knul zal u de rug toedraaien,

Wanneer hij ziet hoe bitter ge armoe lijdt.

 

Cenne da la Chittara (?-1336)

maandag 1 november 2021

 

maandag

1

november

 

November

 

En in november op naar Siena's baden

met dertig muildieren en goed gespekt,

door straten heen met zijde overdekt,

zilver en tin, de reistassen beladen;

 

en onderweg geen pleisterplaats versmaden,

flambouwen als je in de nacht vertrekt,

sukaden die Gaëta je verstrekt,

en vrolijk drinken met je kameraden.

 

's Avonds bij 't vuur uitrusten van de rit,

en snippen, kwartels, boshoenders en duiven,

hazen en reeën braden aan het spit,

 

altijd bereid tot feesten en tot fuiven;

en als de lucht vol storm en regen zit,

's nachts warm onder de wollen dekens schuiven.

 

Folgóre da San Gimignano (1270-1322)

dinsdag 26 oktober 2021

 

dinsdag

26

oktober

Een schoorsteen in de verte rookt.
Het is nu ’t uur dat het speelgoed spookt.
Overal gebeuren vreemde dingen.
In de voorkamer gaat een pauw huilen of zingen.
Torens luiden: dit is nu dat uur!

Tegen de pas aangestoken lichten
Zetten de boomen booze gezichten.
Een groote visch hangt in de takken.
De wolken krijgen de maan te pakken.
Een kabouter kijkt weer over de muur.

Nu loopen dieven met zware zakken.
Ons huis kan instorten: de balken krakken.
Rijtuigen daveren; paarden draven.
Wie brand wil stichten hoeft maar te graven:
Onder de wereld smeult altijd vuur.




Hendrik de Vries (1896-1989)
uit: Toovertuin (1946)



dinsdag 19 oktober 2021

 

dinsdag

19

oktober

 

Avond

Met de’ avond worden de duinen eenzamer,
Luider aanhoudend wordt het zeegeruisch,
Een schip de van ’t omheen vervreemde kamer,
Een alleen eiland het geluidloos huis.

Eenzamer dan de duisterende paden,
Die van het huis naar ’t eeuwig ruischen gaan,
Is ’t hart dat, onherroepelijk verraden,
Elken dag weer van niets moet voortbestaan.




J.C. Bloem (1887-1966)



zaterdag 16 oktober 2021

 

zaterdag

16

oktober

 

Disoriëntaties

Ik ga naar buiten om de tuin te zien
Het lukt mij niet de waarheid te ontlopen
Er is geen Heer die ik vrijwillig dien
Ik durf geen tel meer op de tijd te hopen
Mijn sneue schoot heeft bloed en schuld gebaard
Ons kind is dood, zijn broer bij de barbaren
Ik bracht een misdaad voort die nooit verjaart
Genade is als leugen te ervaren

Voor wie ik liefheb wil ik fabuleren
Ik schrijf sonnetten voor de moordenaar
Als medicijn om onheil te bezweren
Ik ben een vrouw, het schip dat ik bevaar
Zeilt op een zee gemaakt van moedertaal
Een rib vervloekt tot eeuwig oerschandaal



Evi Aarens (2000)
uit: Disoriëntaties (2021)



dinsdag 12 oktober 2021

 

Dinsdag

12

oktober

Oktober

 

Zorg in oktober, vrienden, voor een goed

najaarsverblijf vol warmte en welbehagen,

waar je naar hartelust kunt vogeljagen,

te paard of, als je dat verkiest, te voet;

 

 

's avonds de dansvloer op, en welgemoed

jezelf met most en met muskaat belagen,

en daarmee blijven doorgaan alle dagen:

geen mens die zulk een leven niet begroet!

 

 

's Morgens eruit, en als je je even later

lekker hebt opgefrist, dan is er wijn

en ook het stokbrood en het wildbraad staat er:

 

 

gegarandeerd, vrienden, je voelt je fijn

en beter dan een visje in het water!

Geen sterveling die meer voldaan kan zijn!

 

Folgóre da San Gimignano (1270-1322)

maandag 11 oktober 2021

 

maandag

11

oktober

October

 

Als ge in October goede raad aanvaardt:

Uw bivak in de bergen opgeslagen!

 Vul met het fruit, dat men daar plukt, uw magen, 

Pannen vol eikels staan bijeengeschaard.  

 

Water klaar als kristal, het drinken waard, 

Moge u verkwikken, makkers, en behagen; 

En ga op de bergpassen de aasgier jagen,

 Als die tenminste uw strot en ogen spaart!  

 

De lucht is in de bergen ijl en fijn 

En doet alleen voor die van Pisa onder, 

Ook is 't verschil met de Riviera klein.  

 

Doe dus wat ik u zeg en geen gedonder; 

IJskoude kip zal 't voor de maaltijd zijn, 

Om warm te worden is er niets gezonder!

 

Cenne da la Chittara (?-1336)