dinsdag 7 december 2021

 

dinsdag

7

december

December

 

Ga in December met slechts weinig aan

Bij een moeras vol ijs en modder hokken;

Steeds zult ge als maal boekweit met bonen schrokken,

De waard komt uit het zwijnenkot vandaan.

 

Een vieze kok, die 't land heeft aan zijn baan,

Voedert u met onogelijke brokken

En als er iemand schaken wil of gokken,

Ziet men hem voor een halve gare aan.

 

Lompen met gaten, waar uw hemd door loert,

Krijgt ge van mij en om uw hoofd te dekken

Een mandje als de chiantifles omsnoert.

 

De mensen zullen zich de hals uitrekken,

Als ge zo toegetakeld en verboerd

In optocht Siena weer komt binnentrekken.

 

Cenne da la Chittara (?-1336)

maandag 6 december 2021

 

maandag

6

december

December

 

December in een laaggelegen stad:

knusse zalen door vlammend vuur beschenen,

schaakstukken, damschijven en dobbelstenen

die klinken op het eiken tafelblad,

 

een herbergier die welgedaan en zat

zwetende koks een varken uit laat benen,

en knechts die bij de maaltijd hulp verlenen

en wijnen tappen uit een reuzenvat.

 

En ga je in de barre kou op stap,

dan met een dikke jas je lichaam dekken

en om je hoofd de warmte van een kap,

 

en spotten met die godvergeten vrekken

die je het zout niet gunnen in de pap,

en alle gierigaards laten verrekken!

 

Folgóre da San Gimignano (1270-1322)

maandag 22 november 2021

                                                            maandag

22

november

 

Hoeveel woorden

Hoeveel woorden hebben we nodig
om onze wereld te beschrijven?

Hoeveel wereld hebben we nodig
om onze woorden kleur te geven?

Hoe eenvormig moet het worden
voor we horen wat we missen?

Gister liep ik door het stille veld
en begreep
dat het wel tijd was

om een daad te voegen
bij het woord

••


Hoefolle wurden

Hoefolle wurden ha we noadich
om ús wrâld te beskriuwen?

Hoefolle wrâld ha we noadich
om ús wurden kleur te jaan?

Hoe effen moat it wurde
foar’t we hearre wat we misse?

Juster rûn ik troch it stille fjild
en begriep
dat it wol tiid wie

om in died
by it wurd te dwaan



Nyk de Vries (1971)
uit: Asman (2021



dinsdag 16 november 2021

 

dinsdag

16

november

 

Zie hier een schoon verhaal uit verre tijden,
De burchtvrouw toevend op de hooge tin,
Van dag tot dag in ademloos verbeiden
Van hem, dien zij bemint met welk een min.

Zij ziet den Rijn, de bergen dalwaarts glijden,
Zij speurt het Oosten af met vromen zin,
En eind'lijk, plots zij houdt den adem in,
Wie is de ridder die ginds aan komt rijden?

Keert hij thans weder uit het Heilig Land?
Zij tuurt en tuurt, dan wuift ten groet zijn hand
En daalt zij schielijk, ijlings van omhoog.

En als zij straks elkander weer omarmen,
Uitzinnig schier van vreugd, breekt plots haar oog
En sterft zij, gansch verzadigd, in zijn armen.





Reinier van Genderen Stort (1885-1942)




zondag 14 november 2021

 

zondag

14

november

 

Gemijmer bij de intocht

 

 

Het regent en het is december

Weer keert het schimmelpaard en klaagt

Getart en droef, maar steeds gewender

Terwijl het tam de bisschop draagt.

 

En op de daken, waar gelaten

Het daaglijks klimwerk wordt verricht

Ziet men de paardenpootspagaten

In stormgeraas, door maan verlicht

 

De jaren gaan zoals zij gingen

Er is allang geen onderscheid

Meer tussen beide feestelingen

Het heeft tot schimmeldump geleid

 

Verloren is de strijd met rendier

En Bollemans die er mee rijdt

Altijd december, altijd regen

Altijd dat lege dak, altijd

 

Jaap Bakker



woensdag 10 november 2021

 

 

woensdag

10

november

 

Viooltje

Kijk! Daar bloeit een
Maarts viooltje
Onder bij de
Meidoornheg

Spuiten ze met
Herbicide
Is het bloempje
Morgen weg

Mensen laat zo’n
Lief klein plantje
Groeien, bloeien
Waar het staat

Weet dat elke
Plantverdelger
Het milieu en
bodem schaadt

 

Riet Bredemeijer-van Kempen

dinsdag 9 november 2021

 

dinsdag

9

november

Sonnet van de nieuwe zomers
waarin hitterecords worden gebroken

Toen winters winters waren, waren zomers
geluk met tussen buien door een plasje
precieuze zon op een bomvol terrasje
met blije, bleke rijtjeshuisbewoners.

Inmiddels vrezen wij de koperen ploert,
die ons het huis in jaagt met ijs in baden
ons doet vloeken op het ozongat,
terwijl hij ons met zomer overvoert.

Het weertje is nu echt het weer geworden.
Zijn lieve suffix is eraf gesmolten
met dank aan industrie en vliegverkeer.

Debat om wat halfslachtige akkoorden
heeft meer dan ons gemoed verhit. Revolte
of ondergang, daar komt de keus op neer.




Ilja Leonard Pfeijffer (1968)