woensdag 13 juli 2016

Woensdag

13

juli

Geruïneerde Baronesse

Als laatste telg van een vermoeid geslacht
beheerst zij nog met souvereine nukken
het wrak kasteel met wildernis en stukken
priëel, weerspiegeld in de moddergracht.

Slechts Kee, de stijve meid, hoort soms haar klacht,
dat geldelijke zorgen haar bedrukken
en zij zich van de rheuma niet kan bukken.
Verweesd schat zij de resten van haar macht.

En 's avonds speelt zij met haar adeltenen
in 't krakend praalbed, mummelt van verdriet
dat zich haar man verdronk, maar niet kan wenen.

Geen enkle winkelier geeft nog krediet,
maar liever dan van iemand geld te lenen
krepeerde zij, wat echte adel niet verbiedt.

uit: 'Distels en doornen', 1959. Frans Babylon



Baronesse

Bejaard en berooid maar nog immer noblesse
Een telg van een adellijk, futloos geslacht
Maar schulden vooral die beperken haar macht
En reuma ontneemt haar wat rest aan souplesse
Ze treurt om haar man weet haar secretaresse
En arm als een kerkrat wil zij geen krediet
De adel verbiedt te creperen ook niet
Verarmd en alleen maar nog steeds baronesse

29-5-2016

Bas Boekelo 

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen